Niemand remt later dan Max Verstappen. Dat was jarenlang zijn handtekening: de tegenstander uit de slipstream halen, een meter of tien dieper de bocht in duiken en er gewoon nog inkomen. Maar in 2026 verdwijnt dat wapen langzaam uit zijn arsenaal, en het is geen toeval. Het zit in de regels.

Het was uitgerekend een oude bekende die de vinger op de zere plek legde. Franz Tost, jarenlang teambaas bij het toenmalige Toro Rosso, snapt precies waarom de toppers mopperen.

Wat Tost ziet gebeuren

Coureurs als Verstappen, Lando Norris of Fernando Alonso konden zich altijd onderscheiden onder het remmen, stelt Tost. Maar als je twintig tot dertig meter voor het rempunt al van het gas moet om energie te oogsten, is dat onderscheid weg. De auto die netjes laadt tijdens een lange uitrolfase pakt het terug, niet de coureur die durft. 'Dat neemt een van de sterke punten van de coureur weg', is de strekking van zijn verhaal.

Waarom je nu vroeg van het gas moet

Het zit hem in het nieuwe energiesysteem. De motoren van 2026 leunen veel zwaarder op het elektrische deel, en dat vermogen moet ergens vandaan komen. Dus liften coureurs ruim voor de bocht, laten de auto uitrollen op de luchtweerstand en laten de MGU-K intussen de remenergie terugwinnen. Lift-and-coast heet dat, en het is dit jaar veel nadrukkelijker dan ooit. Wie te laat lift, komt het rechte stuk daarna simpelweg stroom tekort.

6 MJ
maximale recuperatie in de kwalificatie
limiet dit weekend op de Red Bull Ring

Er zit nog een addertje onder. Zodra een coureur gaat liften, schakelt de actieve aerodynamica van Straight Mode naar Corner Mode. Het laat remmen op het allerlaatste moment levert dus niet alleen energieverlies op, het gooit ook de aerobalans overhoop. Alles in de regels duwt de coureur naar hetzelfde, brave rempunt.

Daar komt het beruchte clippen nog bij. Wie de batterij niet slim beheert, ziet het elektrische vermogen halverwege het rechte stuk wegvallen, juist op het moment dat je het nodig hebt om iemand voorbij te gaan of af te houden. Het gevolg is een race die soms meer lijkt op een rekensom dan op een gevecht: niet wie het hardst durft, maar wie zijn energie het netst over de ronde verdeelt, komt als beste uit de bus. Voor een coureur die zijn hele carriere bouwde op instinct en lef, is dat wennen.

Waarom dit juist Verstappen raakt

Het late remmen was niet zomaar een trucje, het was vaak het verschil tussen een inhaalactie en een heel rondje achter iemand blijven plakken. Haal je dat weg, dan krimpt het gat tussen de allerbesten en de rest. En dat sluit naadloos aan op de bredere vraag of Verstappen dit jaar uberhaupt nog mee kan doen om de titel. Niet de coureur die het verschil maakt, maar de motor en de energiehuishouding.

Niet iedereen vindt dat erg, en de fans zijn verdeeld. 'Je bedoelt dat Max niet meer klakkeloos kan divebomben, omdat het voordeel verdwijnt naar de auto die netjes oplaadt tijdens een langere remzone', schreef een criticus op X, met meer dan duizend likes. Aan de andere kant rouwen de Max-fans om precies dat: de lef-actie op het rempunt, het handelsmerk dat de sport spannend maakte, wordt wegberekend.

Is het echt zo erg?

Eerlijk is eerlijk: de skill verdwijnt niet, hij verschuift. Energiemanagement, het perfecte liftmoment vinden, de batterij precies op tijd vol hebben voor de aanval, ook dat is een kunst. En Verstappen is veel meer dan alleen een laatremmer; zijn gevoel voor grip en zijn racebrein blijven gewoon goud waard. Toch voelt het als een verschraling. Het mooiste van de Formule 1 was altijd die ene coureur die durfde waar de rest het niet aandurfde. Als de regels dat wegpoetsen, raken we iets kwijt wat geen megajoule terugbrengt.

Bovendien raakt het lang niet alleen Verstappen. Ook een Norris of een Alonso bouwde zijn reputatie deels op die laatremzones, en zij voelen dezelfde rem. Het netto-effect is een nivellering: de scherpste messen worden bot geslepen, en het peloton schuift dichter naar elkaar toe. Voor de spanning op zondag is dat misschien niet eens slecht nieuws, want dichter bij elkaar betekent vaak meer gevechten. Maar voor de liefhebber die juist voor die ene uitblinker komt, voelt het als een verlies. De vraag voor dit weekend is simpel: vindt Verstappen een nieuwe manier om zich te onderscheiden, of wordt hij door de regels teruggeduwd naar het peloton dat hij jarenlang op afstand hield?

Wist je dat?

In 2026 verschuift de helft van het motorvermogen naar het elektrische deel: zo'n 50 procent komt van de MGU-K. Juist daardoor is energie oogsten onder het remmen zo belangrijk geworden dat coureurs er hun rijstijl op aanpassen.