Toen Aston Martin de beste autobouwer van zijn generatie wist binnen te halen, leek de toekomst geregeld. Adrian Newey, het brein achter de dominante Red Bull-auto's waarmee Max Verstappen titel na titel pakte, zou het groene team naar voren toveren. Een half jaar later klinkt diezelfde Newey vooral als een man die schrok van wat hij aantrof. 'Op een gegeven moment is een systeem dat alleen maar uit lapwerk op lapwerk bestaat niet meer geschikt voor gebruik', zei hij. 'Daar waren we beland.'

Lapwerk dat teruggaat tot het Jordan-tijdperk

Het probleem zat niet in een verkeerde vleugel of een tegenvallende motor alleen. Het zat in het fundament. 'We leunden op gereedschappen en processen die jarenlang waren opgelapt en aan elkaar geknutseld', vertelde Newey. Sommige daarvan, zei hij, zijn terug te leiden tot de allereerste dagen van het Jordan-team dat ooit op dezelfde plek in Silverstone zat, lang voordat Aston Martin terugkeerde in de Formule 1.

De gevolgen waren concreet en pijnlijk. 'Het werd een heel frustrerende bouw van de auto. Onderdelen werden niet op tijd besteld. Niet omdat mensen hun werk niet deden, maar omdat het onderliggende systeem hen in de steek liet.' Daar komt bij dat er volgens Newey jarenlang te weinig is geïnvesteerd in de kern: de simulatie- en rekentools waarmee je een moderne F1-auto überhaupt ontwerpt. Geen detail, maar de motorkap waaronder alles misgaat.

Wist je dat?

Een deel van de systemen waarop Aston Martin nog draaide, stamt volgens Newey uit het Jordan-tijdperk in Silverstone, jaren voordat Aston Martin als merk terugkeerde in de Formule 1.

Een auto die te zwaar is en achteraan rijdt

Het resultaat staat op de baan. De AMR26 is volgens Newey fors te zwaar en mist downforce, een dodelijke combinatie die het team naar de achterhoede heeft gedrukt. De nieuwe Honda-krachtbron hielp ook niet mee in de eerste maanden. 'It never rains, but it pours', vatte de ontwerper het samen. Als het tegenzit, zit het echt tegen. En dat doet extra pijn omdat juist 2026 het moment had moeten zijn. De grote reglementsreset gooide het hele veld op de schop, een schone lei waarop een ontwerper als Newey normaal gesproken het verschil maakt. In plaats van die kans te grijpen, vocht Aston Martin tegen zijn eigen gereedschapskist. De concurrentie bouwde vooruit, Aston Martin bouwde achterstand in.

Newey neemt ook zichzelf de maat

Wat het verhaal sterker maakt dan een simpele schuldverdeling: Newey wijst ook naar zichzelf. De gewaagde aerodynamische richting van de auto was vooral zijn keuze, geeft hij toe, genomen onder tijdsdruk en zonder de luxe om meerdere concepten grondig uit te proberen. 'Aerodynamisch hebben we een gedurfde richting gekozen, grotendeels op mijn aandringen.' Hij noemt die richting niet fundamenteel verkeerd, maar geeft toe dat ze uitdagingen opleverde die niemand had zien aankomen. Dat is geen man die zich verschuilt achter zijn reputatie, maar iemand die hardop nadenkt over wat er beter moet. Dat siert hem.

En er speelde meer. De ontwerper bevestigde gezondheidsproblemen die zijn start bij het team hebben getekend. 'Het gaat nu goed, maar het was een moeilijke periode. Eerlijk gezegd was ik vorig jaar niet honderd procent. Ik moest gezondheid en werk veel zorgvuldiger in balans houden.' Een zeldzaam kwetsbare bekentenis van een man die normaal alleen over diffusers en vloeren praat.

Boedapest wordt het examen

De hoop heet Hongarije. Daar komt de eerste grote upgrade, op beide auto's. De architectuur van chassis en versnellingsbak blijft hetzelfde, maar er gaat gewicht af, er komt een nieuwe neus en de aerodynamica is flink herzien. Dat vroeg zelfs om het opnieuw crashtesten van het voorste deel van het chassis. Newey durft geen cijfer te plakken op de winst. 'We voorspellen een grote stap, maar ik ben terughoudend om er getallen aan te hangen.' Voor Fernando Alonso telt die stap dubbel. 'Fernando kijkt er enorm naar uit, en als het werkt, hopen we dat hij ook volgend seizoen in de auto zit', aldus Newey. Met andere woorden: presteert de upgrade niet, dan wordt de toekomst van de tweevoudig kampioen ineens een open vraag.

De genie is geen tovenaar

Daar zit de echte les van dit verhaal. We zijn gewend geraakt aan het idee dat Newey overal goud van maakt, dat je hem ergens neerzet en de overwinningen vanzelf volgen. Bij Red Bull leverde hij jarenlang de snelste auto van de grid af, en het beeld ontstond dat de man het in zijn eentje deed. Maar een ontwerper bouwt geen auto alleen. Hij heeft een fabriek nodig die op tijd de juiste onderdelen levert, tools die kloppen, en een organisatie die zijn tekeningen aankan. Dat fundament ontbrak, en zelfs de beste van allemaal kan een rotte werkbank niet wegtoveren.

Knap dus dat hij het zo open benoemt in plaats van het weg te poetsen. De vraag is alleen of Aston Martin de tijd en het geduld heeft om de fundering echt te herbouwen. Een organisatie ombouwen kost jaren, geen races, en de klok tikt door terwijl de concurrentie niet wacht. Bovendien heeft het team met Alonso een coureur in huis die op zijn leeftijd niet eindeloos op beterschap kan blijven wachten. Boedapest geeft het eerste antwoord. Tot die tijd weet zelfs Newey dat een genie zonder gereedschap nergens komt.